Posts tonen met het label zwangerschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zwangerschap. Alle posts tonen

donderdag 10 april 2014

Over de band tussen een juf en haar studenten

Wie een vreemde taal leert, praat in eerste instantie veel over zichzelf. Ongeacht welke taal dat is. Het verwerven van een tweede taal op latere leeftijd volgt een vast schema. Eerst leren we elkaar te begroeten, ons voor te stellen, onze persoonsgegevens op te geven. Wat doen we voor werk, wat vinden we leuk, hoe bestellen we een broodje. Stapje voor stapje bouwen we een raamwerk dat ze kunnen toepassen in meerdere (sociale) situaties en dat we langzaamaan uitbreiden naar moeilijkere gesprekken.
 

De alwetende docent

Veel van mijn studenten ken ik na een cursusjaar dan ook door en door. Ik weet waar ze wonen, werken en vandaan komen. Wat ze voor ontbijt eten, hoe laat ze wakker worden en hoe lang ze snoozen. Van welke films ze houden en hoe hun stamboom groeit. En zodra ze de voltooid tegenwoordige tijd leren, weet ik ook elke week wat ze in het weekend hebben gedaan. 
Mijn studenten willen me meestal de waarheid vertellen. Soms hebben ze dan ook geen antwoord op mijn vragen. Op hoger niveau lopen de gesprekken nog weleens dood, zodra er  onderwerpen aan bod komen als onverwezenlijkte dromen of toekomstplannen. Ik zeg altijd schertsend dat het antwoord me eigenlijk niet interesseert. Als ze maar correct Italiaans (of Nederlands) spreken en uitdrukking kunnen geven aan wat ze willen zeggen.
 

Een bijzondere band

Mijn studenten weten ook veel van mij. Ik vind het belangrijk om een band op te bouwen met mijn studenten. Dat we elkaar een beetje leren kennen zodat ze zich op hun gemak voelen, zodat ze graag naar de les komen. Mijn lessen zijn geen must, hopelijk wel een pleasure. Voor mij in elk geval wel. Elke les leer ik nieuwe dingen van mijn studenten. Van hun vragen en hun opmerkingen. Van hun fouten en hun moeilijkheden.
Dit cursusjaar is wel heel bijzonder. De cursus Italiaans op de Volksuniversiteit loopt van eind september tot eind april. Net aan het begin ervan ontdek ik dat ik zwanger ben en ik heb dus precies genoeg maanden om de hele cursus te geven. Wat een goeie timing! Een aantal derdejaars zit al voor het derde jaar in mijn klas, de eerstejaars ken ik nog helemaal niet. Deze mensen zien mij week na week groeien. Van begin tot het (bijna) eind. Ze leven met me mee en delen hun eigen ervaringen. Eén van hen stopt me interessante blaadjes van de Italiëkalender toe. En met nog twee lessen te gaan krijg ik een flinke mand vol cadeaus mee (omdat ik die nu nog kan dragen). Dat je zoveel terugkrijgt van je studenten, is voor een juf van onbeschrijflijke waarde.
 
Ik hoop hen volgend seizoen allemaal weer te zien!
 
Cari studenti, grazie dei bellissimi regali! Abbiamo spacchettato tutto subito ieri sera!

maandag 3 februari 2014

Intercultureel zwanger zijn

Zwanger zijn is een hele opgave. Vermoeidheid, misselijkheid, rustig aan doen, opletten met wat je eet en drinkt, dingen doen en dingen juist laten. Uit alle hoeken komen goed bedoelde adviezen. Zwanger zijn van een half-Italiaans kind betekent goedbedoelde adviezen uit Italië en die zijn hier en daar net even anders.

Mijn eerste bezoek aan Italië in mijn hoedanigheid van zwangere vrouw leidde meteen tot meerdere kruisverhoren. Heb je dit en dat onderzoek gehad? Urine getest? Toxoplasmose? Er bleken al gauw wat fundamentele verschillen tussen mij en de zwangere vrouw van de neef van mijn man. Nee, in Nederland testen ze niet op toxoplasmose. Want ook al heb je die ziekte gehad, dan moet je nog steeds voorzichtig zijn. Nee, ook geen urinetest. Nee, we gaan niet naar de gynaecoloog, alleen als er problemen zijn. Nou, gewoon naar de verloskundige. Ja, de meeste vrouwen bevallen thuis. Raar, hè? Nee, ik ga ook liever naar het ziekenhuis, hoor. Ja, volgens mij mag ik nog gewoon vliegen. Fietsen? Natuurlijk fiets ik nog gewoon! Mijn woordenschat is in elk geval uitgebreid met alle verloskundige termen en Italiaanse babypraat en nu kan ik ook in het Italiaans overal over meepraten.

Na de 20-weken-echo hadden we wel een probleem. Mijn ouders willen niet weten wat het wordt, mijn schoonouders wel. In Italië is het heel normaal om daar openlijk over te praten. In veel gevallen wordt de ongeboren prins of prinses al bij de naam genoemd en iedereen mag die weten. Ik vond dat toch niet zo'n leuk idee. Gewoon, omdat het nog niet beschikbaar is voor de hele wereld. Je merkt het vanzelf. Wij weten wat het wordt, maar houden het voor onszelf. Niet dat dit altijd even makkelijk gaat, want die Italianen zijn me daar toch nieuwsgierig. Ook de Italiaanse zakenpartners voor wie ik tolk vragen ernaar. Maar hun vertel ik het lekker wel.

Nu dus wachten tot de kleine komt. Vier maanden nog. En er moet nog een hoop geregeld worden, dus daar komt het culturele begrip van timemanagement om de hoek kijken. Alles-op-tijd-regelen-op- zijn-lekker-Hollands? Of: het-komt-wel-goed-easy-Italiaans? We maken er een mix van. Een Italiaanse vriend van ons rende op een dag de babywinkel binnen met de vraag: ‘Wat heb ik nodig? Mijn vrouw ligt nú te bevallen!’ Dat gaan we voorkomen.
 
We hopen natuurlijk dat ons kind straks gezond is, maar vooral ook mooi, slim, lief en niet geheel onbelangrijk: voorzien van de beste karaktereigenschappen uit de Nederlandse en de Italiaanse cultuur. Een mooie italo-olandese. Maar wat zijn die eigenschappen dan? Hopelijk heeft het een Nederlandse talenknobbel. We gaan in elk geval meteen ons best doen het tweetalig op te voeden. Ik wil de flexibiliteit, de passie en het gevoel voor schoonheid van een Italiaan, maar ook wel een vleugje punctualiteit en organisatiekundigheid van de Nederlander. Wel graag zonder Nederlandse arrogantie en Italiaanse jaloezie.

Een half-Italiaanse kind zal wel van eten houden, en hopelijk ook van reizen. Maar het hoeft niet helemaal ingepakt te worden met wollen truien, want een half-Nederlands kind wordt vast geen koukleum. En waarom hebben Italiaanse kindjes toch altijd febbre (koorts)? Misschien omdat ze in Italië niet bekend zijn met het begrip ‘verhoging’? Als het aan mij ligt wordt ons kind geen Italiaansteller, zoals ik de Italianen soms schertsend noem. Wij Nederlanders vinden onszelf maar bikkels. Maar een beetje mammone (moederskind) mag dan weer wel! Wie weet krijgt het donker haar - alle kindjes van onze Nederlandse vrienden zijn al blond -, maar wel graag met blauwe ogen. Wordt het dan zo’n lange bonenstaak? Een Italiaanse charmeur?
We zullen wel zien, vedremo