Posts tonen met het label Wereldbibliotheek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wereldbibliotheek. Alle posts tonen

donderdag 7 augustus 2014

Italiaanse literaire klassiekers

Op Twitter zie ik de laatste tijd steeds tweets voorbijkomen over de Augustus Klassieke Literatuur Maand (#augustusklm), in het leven geroepen door Sandra van Sandra schrijft en leest. Dat zette me aan het denken: hoe zat het ook alweer met de Italiaanse literaire klassiekers? Mijn studietijd ligt alweer ver achter me, dus al die mooie werken die we bij Italiaanse Letterkunde hebben behandeld zijn naar de achtergrond van mijn geheugen gegleden. Wat schiet me zo te binnen?
 
Il gattopardo - Giuseppe Tomasi di Lampedusa. In vertaling verschenen bij Athenaeum-Polak & Van Gennep als De tijgerkat. Een historische roman over de eenwording van Italië.

I promessi sposi - Alessandro Manzoni. In vertaling verschenen bij Athenaeum-Polak & Van Gennep met de titel: De verloofden. Een zeventiende-eeuws liefdesverhaal.

Cristo si è fermato a Eboli - Carlo Levi. In vertaling verschenen bij Nieuw Amsterdam: Christus kwam niet verder dan Eboli. Een autobiografische roman.

Il nome della rosa - Umberto Eco. Een boek dat nog steeds in verschillende versies wordt uitgebracht in Nederland, vertaald als De naam van de roos. Tijdloos.

Bovenstaande titels zijn overigens allemaal verfilmd! Dat zegt al genoeg.

Il decamerone - Giovanni Boccaccio.

La divina commedia - Dante Alighieri. Deze titel behoeft eigenlijk geen uitleg. Wie Italiaans kan lezen, zou het origineel moeten nemen. Zo niet, dan zijn er verschillende vertalingen te vinden, vaak met begeleidende uitleg. Ook is er een mooie prozaversie: vertaald, ingeleid en toegelicht door Frans van Dooren. Diezelfde Frans van Dooren heeft bij Athenaeum-Polak & Van Gennep een boek uitgebracht over de Geschiedenis van de klassieke Italiaanse literatuur. Als ik dat erop nasla, komen de volgende titels weer terug:

Il principe - Niccolò Machiavelli. In het Nederlands verschenen als De heerser. Over macht en regeren.

Orlando furioso - Ludovico Ariosto, ofwel: De razende Roeland, over "een onbeantwoorde liefde die de dapperste en nobelste ridder uit het leger van Karel de Grote tot waanzin drijft".

En natuurlijk de werken van Petrarca, Michelangelo en Leonardo da Vinci. Eigenlijk is er te veel om op te noemen.

Als we kijken naar wat 'recenter' werk komen we uit bij:

Il giorno della civetta - Leonardo Sciascia. Uitgegeven door Serena Libri als De dag van de uil. Een politiek verhaal dat zich afspeelt op Sicilië.

Gli indifferenti (De onverschilligen) van Alberto Moravia. Uitgegeven door de Wereldbibliotheek.

Dan komen we ook uit bij schrijfsters als Elsa Morante en Oriana Fallaci. Bij grootheden als Stefano Benni. En natuurlijk niet te vergeten bij: Italo Calvino.
 
Italo Calvino
O ja, natuurlijk! I nostri antenati van Italo Calvino, Onze voorouders, het onderwerp van mijn bachelorscriptie. Een drieluik over de aard van de mens,  bestaande uit: Il visconte dimezzato (De gespleten burggraaf), Il barone rampante (De baron in de bomen) en Il cavaliere inesistente (De ridder die niet bestond). Een regelrechte parel. Maar eigenlijk moet je alles lezen van Italo Calvino.

Ja, als ik deze maand een klassieker moet kiezen, dan ga ik voor Onze voorouders.

vrijdag 13 juni 2014

Het geweten van Roberto Doni

Een Afrikaanse immigrant wordt veroordeeld voor een schietpartij waarbij een Italiaans meisje verlamd is geraakt. Het hoger beroep in deze zaak wordt naar Roberto Doni toegeschoven, een ervaren magistraat die binnenkort hoopt te gaan genieten van een rustige oude dag ver buiten het hectische Milaan. De zaak lijkt eenvoudig; de immigrant heeft geen alibi en het slachtoffer heeft hem herkend als een van haar belagers.
Maar een journaliste weet Doni ervan te overtuigen dat hij de zaak grondig moet onderzoeken en neemt hem mee de achterbuurten van Milaan in, een wereld die ver afstaat van zijn luxeleven en het statige Paleis van Justitie. Wat hij daar ziet, dwingt hem te kiezen tussen de makkelijke weg en zijn geweten.

Het echte verhaal

Een veel belovend maar enigszins misleidend achterplat. Waar ik in eerste instantie dacht dat het om de grondige zoektocht naar de feiten ging, blijkt de nadruk meer te liggen op de gewetensvragen van de heer Doni zelf en zijn gestruggel met het Italiaanse (rechts)systeem. Overigens een erg interessant en origineel thema, maar dat maakt het boek wel minder spannend dan ik me had voorgesteld. Het kabbelt een beetje voort tussen de dagelijkse bezigheden en de gedachtegangen van de heer Doni. Toch hangt er een vreemde spanning in het boek, omdat je je als lezer constant blijft afvragen hoe het zal aflopen. Wat gaat de heer Doni uiteindelijk doen?

Het andere Milaan

Het decor wordt gevuld door een Milaan dat we nooit in de reisgidsen zien: armoede, clandestiniteit, onrecht. Mensen die bang zijn om uit de anonimiteit te komen. Ik heb een tijdje in Milaan in een centro sociale gezeten en herken dit milieu meer dan bijvoorbeeld de modewereld waar Milaan zo mee pronkt.
Tegen zijn wil in wordt Doni door de fanatieke journaliste Elena hierheen gesleept. Zij laat hem dat Milaan zien waar hij niets van lijkt te (willen) weten. Doni's wandelingen door de Via Padova brengen al zijn zekerheden en overtuigingen aan het wankelen.
 

De filosofie van Giorgio Fontana

De schrijver van dit alles, Giorgio Fontana (1981), maakt de lezer op meesterlijke wijze nieuwsgierig naar deze wereld. Wat schuilt er achter de rolluiken? Wie zijn de mensen die hier wonen? Fontana studeerde filosofie in Milaan, en dat is te merken. Fontana toont ons de wereld door de ogen van de cynische magistraat, die dan ook rake uitspraken doet. Zoals deze:
'Ja het is vreselijk.'
'En verder?'
'Verder gaat alles gewoon door,' zei Doni terwijl hij wegliep. 'Sorry, maar wil graag even op mezelf zijn.'
'Problemen?'
'Nee hoor, het gewone werk: walgen van het leven.'
 
Waar de hersenkronkels van de heer Doni uiteindelijk toe leiden moet de lezer zelf maar ontdekken in dit bijzondere boek. Nieuwsgierig geworden? Klik dan hier voor een leesfragment of koop meteen het hele boek (in de vertaling van Philip Supèr):
 



maandag 28 april 2014

De wortels van het kwaad

Mara en ik vertalen een spannende Italiaanse misdaadtrilogie. Moord en doodslag, wraak en eerzucht. Lekker spannend! Maar daarover schreef ik vorig jaar hier al een blog. Wat deze vertaling extra spannend maakt is dat de trilogie in delen uitkomt. Elk jaar een nieuw deel. Wij kennen dus zelf ook nog niet het hele verhaal. Jij bent het kwaad kwam vorig jaar uit, het tweede deel, De wortels van het kwaad, is net verschenen en het derde moet zelfs in Italië nog uitkomen.
 

Ophelderingen

We zien onze vertrouwde politiecommissaris Michele Balistreri die helemaal niet in Italië wil zijn, die helemaal geen commissaris wil zijn en die helemaal geen zin heeft om zijn werk te doen. In De wortels van het kwaad gaan we eerst terug in de tijd ten opzichte van deel 1. We beginnen in zijn jeugdjaren en zien hem opgroeien in Libië. We zien de pijn en het verdriet die ten grondslag liggen aan zijn gekwelde geest. Gebeurtenissen die een aantal elementen uit deel 1 voor ons ophelderen. Gebeurtenissen die hun weerklank zullen vinden in de rest van het verhaal en een nieuwe reeks geweldadigheden zullen ontketenen.
 

Synopsis

De jonge Michele Balistreri groeit op in het Tripoli van de jaren zestig, toen Libië nog een Italiaanse kolonie was. Na de staatsgreep van Khadaffi lopen de spanningen tussen de Italiaanse bewoners en andere bevolkingsgroepen snel op. De westerse belangen komen op het spel te staan. Als zoon van een machtige ingenieur lijkt Michele lange tijd onkwetsbaar, tot de dood van zijn buurmeisje Nadia en zijn moeder die illusie ruw verstoren.
 
Vele jaren later is Balistreri een gedesillusioneerde politiecommissaris in een ingeslapen wijk in Rome. Zijn nachten vult hij met seks, alcohol en poker. Overdag houdt hij een oogje op Claudia, de roekeloze dochter van een collega, en onderzoekt hij de mysterieuze moord op de Zuid-Amerikaanse Anita Messi. Als Balistreri ontdekt dat beide vrouwen iets te maken hebben met de dood van zijn vroegere buurmeisje Nadia, opent de beerput van het verleden zich.
 

Oude en nieuwe vrienden en vijanden

We zien een aantal bekende elementen: het WK voetbal uit 1982, een verdwenen meisje, een doodzieke collega. Maar er komen ook nieuwe zaken aan het bod. Nieuwe moorden, nieuwe personages. Een nieuwe verhaallijn met een oude bekende. En stukjes maatschappijleer zoals we van Roberto Costantini gewend zijn. Over televisie, voetbal en ander nutteloos vermaak die zo'n grote rol spelen in het leven van de Italiaanse jeugd. En we leren ook iets over vroeger. Over de Italiaanse geschiedenis in Libië, waarover ik al eerder een blog schreef.
 

Een goede afloop?

Onderwerpen als drugs, corruptie en wraak maken ook van dit deel weer een echte pageturner. Nieuwsgierig? Klik hier voor een leesfragment. En zoals het een goede trilogie betaamt, zijn we aan het eind van het boek nog niet klaar. We hebben nog onbeantwoorde vragen, onopgeloste zaken. Maar deel 3 laat nog even op zich wachten, dus voorlopig doen we het er maar mee. Deel 1 ook nog niet gelezen? Schaf beide boeken dan nu aan!
 
 
 



zaterdag 30 maart 2013

Ora legale o solare?

Vanavond wordt de klok weer verzet. Hoewel het nog niet zo voelt, komt de zomer eraan en dan zetten we altijd de klok een uur vooruit, zodat we ’s avonds een uurtje langer licht hebben. Helaas betekent dit bij ons niet automatisch dat we dan ook een uurtje langer warmte hebben.
 
In Italië spreken ze van l’ora solare en l’ora legale. Het woord solare doet denken aan de zon en dus aan de zomertijd. Toch is dat niet zo. In Nederland spreken we van zomertijd en wintertijd, maar eigenlijk is er maar één natuurlijke tijd, die van de zon. In de oudheid werd het dagritme aangepast aan de duur van de dag. Bij de Romeinen begon de dag gewoon bij zonsopgang en kwam bij zonsondergang weer tot een einde: l’ora solare.
 
De zomertijd is door ons mensen bedacht. Op deze manier kunnen we beter gebruik maken van de zonuren en kosten besparen op de energie, doordat we 's avonds de lampen minder lang aan hoeven te doen. Op Wikipedia kwam ik te weten dat men in Italië in 1966 is begonnen met het instellen van de zomer- en wintertijd. Dit is bij wet vastgelegd, en daarom spreekt men in Italië van legale, wettelijk.
 
Voor de Italiaans schrijver Francesco Piccolo is het verplaatsen van de wijzers een moment van onverwacht geluk. Zo schrijft hij:
 
De dag waarop de zomertijd ingaat, of de wintertijd. Omdat niemand weet of deze keer de wintertijd ingaat in plaats van de zomertijd, of de zomertijd in plaats van de wintertijd; en of we ’s nachts een uur langer of een uur korter kunnen slapen. Dit veroorzaakt dodelijk vermoeiende discussies, die doorgaan totdat het uur waarop de wijzers worden verplaatst voorbij is en daarmee is ook het eventuele extra uurtje slaap tenietgedaan. Want er is altijd wel iemand die, ook al hebben ze het voor hem op papier uitgetekend, niet overtuigd is en zegt dat het volgens hem het tegenovergestelde is: oftewel, dat we een uur langer kunnen slapen en niet een uur korter zoals jullie allemaal zeggen (of een uur korter en niet langer).
Als je geeuwt, of zegt dat je honger hebt, of moe bent, is er altijd wel iemand die je helpt herinneren dat dat logisch is, want het is tien uur, maar eigenlijk is het elf uur; het is twee uur, maar eigenlijk is het één uur. En dan, wanneer om zeven uur ’s avonds de zon nog zo hoog staat en je ontroerd raakt, omdat je inmiddels voelt dat de lente is begonnen, en je zegt ‘wat heerlijk, de dagen worden langer’, vertellen ze je dat het niet helemaal zo is, want het klopt dat het zeven uur is, maar eigenlijk is het zes uur en alleen daarom staat de zon nog hoog.
En zo word je meteen weer verdrietig.
Maar het is wel leuk wanneer in het hoekje onderin op de eerste pagina van de krant een tekening staat van een klok met het onderschrift: vergeet niet vannacht de klok een uur vooruit (of achteruit) te zetten. En de dag erna staat er: hebben jullie eraan gedacht de klok een uur vooruit (of achteruit) te zetten?
 
Dus vanavond niet vergeten! En wil je nog meer van dit soort grappige stukjes lezen? Koop dan het boekje Momenten van onverwacht geluk van Francesco Piccolo:


 
 
 

woensdag 27 februari 2013

Een spannende boekvertaling

Zo, daar ligt-ie dan. Op 15 maart 2012 kwam het werkexemplaar binnen, en nu ligt de vertaling op de mat. Het was een flinke pil, 669 pagina's. Gelukkig hoefde ik al die woorden niet alleen te vertalen. Zoals altijd deed ik dat met co-vertaalster en goede vriendin Mara Schepers. Hoe we dat doen kun je hier lezen.

Nu dan dus een thriller. Na de romans van Mazzantini was dat even iets heel anders. Een verhaal dat plot driven is en stilistisch iets minder ingewikkeld in elkaar zit. Een verhaal met veel spanning, moord en doodslag en veel verschillende personages, waarvan je alle namen moet onthouden. Wellicht geen literair hoogstandje, maar minstens zo spannend om te vertalen. Leuke bijkomstigheid is dat dit boek pas het eerste deel is van een heuse trilogie. We zijn al bezig met twee deel en deel drie ligt nog in het verschiet voor later.
 
Nu dus een thriller, of zoals dat in het Italiaans heet een giallo (geel). In 1929 begon de uitgeverij Arnoldo Mondadori Editore met het uitgeven van een reeks politieromans onder de naam I libri gialli. Deze boeken hadden allemaal een geel omslag. In april 1946 werd deze serie omgedoopt tot Il Giallo Mondadori (voor de volledige lijst met titels, zie wikipedia). Deze reeks was zo populair, dat de naam is overgenomen voor het genre en inmiddels zijn er bij verschillende uitgevers politie- en misdaadromans verschenen onder deze noemer.
 
Onze giallo is echter wel wat meer dan een simpele whodunit. We zien in 1982 een moord op een gewoon meisje, een goede buurt in Rome, een politieagent met een duister verleden. We zien in 2006 een verdwenen Roemeense prostituee, een politiek verdeeld land, een politieagent met schuldgevoelens. Costantini laat ons de zwarte kant van de Italiaanse maatschappij zien: corruptie, zwartgeld, racisme. Armoede, wanhoop en prostitutie. Deze maatschappij wordt op ingenieuze wijze weerspiegeld in de personages. De hoofdpersoon is politieagent Balistreri, een lusteloze, arrogante en egoïstische vrouwenversierder, wiens leven draait om drank, sigaretten, vrouwen en poker. Wellicht niet een personage dat meteen de sympathie van de lezer wekt. Zijn vriend Dioguardi is zijn tegenbeeld: trouw, gematigd en beheerst. Beide personages belichamen zowel het goede als het kwade, het feit dat er in ieder mens een engel en een duivel schuilt.
 
Jij bent het kwaad is een pageturner met diepgang. De plot is spannend, uitdagend en confronterend, en je wilt het boek niet wegleggen voordat je weet hoe de vork in de steel steekt. Als het boek uit is, ben je wellicht van Balistreri gaan houden, of in elk geval nieuwsgierig geworden naar waarom hij is geworden wie hij is. Dan is het, zoals het een goede trilogie betaamt, tijd voor deel twee.

Nieuwsgierig? Bestel meteen deel 1:

woensdag 31 oktober 2012

Geluksmomenten...

Als boekvertaler heb je een aantal geluksmomenten: als je een nieuwe opdracht krijgt, als je de vertaling naar de uitgever opstuurt en als je vertaalde werk in de winkel ligt. Extra gelukkig werd ik toen ik een boekje over onverwachte geluksmomenten (Momenti di trascurabile felicità - Francesco Piccolo) mocht vertalen, dat in vertaling is verschenen bij de Wereldbibliotheek. Korte zinnen, vermakelijke stukjes tekst en kleine anekdotes wisselen elkaar af. Met zijn vrolijke, humoristische en ietwat ironische stijl weet de schrijver ook op de meeste ongelukkige momenten een glimlach op je gezicht te toveren.

Persoonlijk vind ik dit een van de mooiste momenten uit het boek:

Ik loop een schoenenwinkel binnen, omdat ik in de etalage schoenen heb gezien die ik mooi vind. Ik wijs ze het winkelmeisje aan en zeg dat ik maat 46 heb. Ze komt terug en zegt: ‘Het spijt me, we hebben uw maat niet.’
Dan voegt ze er altijd aan toe: ‘We hebben wel maat 41.’
Ze kijkt me zwijgend aan, omdat ze een antwoord wil.
En voor één keer zou ik willen zeggen: ‘Goed, geeft u mij maar maat 41.’

Sommige stukjes zijn ook erg herkenbaar, zoals deze:
In de paden van de supermarkt bestudeer ik altijd de wagentjes van andere mensen en ik stel me hun ontbijt voor, hun avondeten, bepaalde overeenkomsten met mijn eigen manier van leven. Sommige mensen halen precies dezelfde boodschappen als ik, boodschappen die ik kan onderschrijven.

Of deze: Het geluid van de kopjes en de schoteltjes wanneer een barman ze achteloos in de wasbak smijt. Deze zin doet me verlangen naar een heerlijk ontbijt met een cappuccino en een cornetto in een Italiaanse koffiebar.

Zelf word ik ook erg gelukkig van: de jongen in de kebabzaak, die me vraagt of ik mijn broodje wil 'opeten of meenemen?' Een reclamebord voor extra gratis beltegoed, omdat ik het leuk vind dat er dingen extra gratis zijn! Een zak chocoladekruidnoten leegeten tijdens het vertalen. Een vlucht boeken. Dat er op het doosje van de anticonceptiepil een sticker zit met de boodschap: 'Kinderwens? Begin dan nu met het slikken van foliumzuur'. Een Zalando-doos. Heel muzikale mensen. Dat ik mijn werk en mijn leven kan delen via Facebook.

Wat is jouw hoogstpersoonlijke ultieme moment van onverwacht geluk?

 


donderdag 9 augustus 2012

Margaret Mazzantini: een moeizame liefde

Mijn eerste kennismaking met de schrijfster Margaret Mazzantini vond plaats in een bioscoop in Rome, toen ik naar de verfilming van haar boek Non ti muovere (Ga niet weg, uitgegeven bij de Wereldbibliotheek) ging. Het boek had ik niet gelezen, maar bij de film heb ik van het begin tot het eind zitten huilen. Het verhaal gaat over Timoteo en zijn vijftienjarige dochter, Angela, die in coma ligt. Terwijl zij vecht voor haar leven zit hij aan haar bed en biecht tot in detail zijn diepste en intiemste geheim op: zijn noodlottige liefde voor een andere vrouw dan haar moeder, een vrouw die zijn hart in alle opzichten heeft gestolen. Timoteo smeekt Angela bij hem te blijven: ‘Ga niet weg. Ik wil je iets vertellen’.

Het boek en de film waren zowel in Italië als in Nederland een groot succes. Toen de uitgever ons belde voor de vertaling van Mazzantini's nieuwste boek, was ik dan ook erg gevleid dat Mara en ik een boek van haar mocht vertalen. Ter wereld gekomen speelt zich deels af in het vroegere Joegoslavië, waar de grote liefde tussen Gemma en Diego tijdens de belegering van Sarajevo in de jaren negentig abrupt tot een einde komt. Als Gemma jaren later met haar zoon Pietro teruggaat naar die verscheurde stad, komen allerlei onbeantwoorde vragen weer boven en doet ze een verschrikkelijke ontdekking. Een ontdekking die je tijdens het lezen langzaam begint te beseffen, maar waar je eigenlijk niet aan wilt. Een verhaal over liefde, tegen de heftige achtergrond van oorlog en onvruchtbaarheid.

Onlangs verscheen bij de Wereldbibliotheek een derde boek van haar: Niemand overleeft alleen, een vertaling die ik tevens samen met Mara Schepers op me heb genomen. Ook deze keer weer een grote, maar tragische liefde. Ook deze keer weer een moeilijke situatie: Delia en Gaetano zijn niet meer bij elkaar en we volgen de twee op een avond in een restaurant, waar ze moeten leren omgaan met hun gevoelens en hun scheiding. Mazzantini laat op briljante wijze zien hoe de passie aan het begin en de woede aan het einde van een relatie gevaarlijk dicht bij elkaar liggen. Een roman die zich laat lezen als de gevoelsbiografie van een generatie, van deze generatie.

Van Mazzantini moet je houden. Ze schrijft schitterende verhalen, maar ze vertelt ze wel altijd met een omweg. Haar eigenzinnige stijl, gekenmerkt door breedvoerige zinnen en ingewikkelde metaforen, zorgt ervoor dat haar verhalen diepgang krijgen en dat ook de lezer met de gevoelens van haar hoofdpersonen worstelt.
Ook als vertaler moet je van Mazzantini houden, want de gevoeligheid van de Italianen laat zich niet makkelijk vertalen naar het nuchtere Nederlands. Ook ik voel dus een moeizame liefde voor het werk van Mazzantini: het is schoonheid en passie, maar ook heftig en zwaar.


zaterdag 7 april 2012

Fantasy vertalen

Eind 2010 belde de uitgever met de vraag of ik zin had om een fantasyboek te vertalen. Fantasy is eigenlijk geen genre dat ik graag lees, maar het leek me wel leuk om eens wat anders proberen. De uitgever wilde graag dat het boek werd vertaald door een jonge vrouw, dus ik besloot me eraan te wagen. Toen ik het boek in Amsterdam had opgehaald, was ik meteen onder de indruk van het omslag en de titel: Alice nel Paese della Vaporità. In de trein terug naar huis begon ik meteen te lezen. Het verhaal was spannend, hier en daar wat aan de smerige kant, maar pakkend en vooral erg interessant om te vertalen.
Vaporità
is een Italiaans woord dat niet bestaat, een verbastering van het woord vapore (stoom of damp). Deze vaporità speelt een zeer essentiële rol in het verhaal en komt dus nogal vaak voor. In het land waar Alice terechtkomt, Steamland, hangt een dikke mist, die wordt gevormd door de uitlaatgassen van Antieke Technologieën en hallucinerend werkt. Die mist verandert de waarnemingen en zorgt voor lichaamsmutaties. Er is een duidelijk verschil met normale stoom, omdat de consistentie veel steviger is en als je een beetje oefent kun je er zelfs door- en overheen springen.

Mijn eerste uitdaging was het zoeken naar een passend (niet-bestaand) woord in het Nederlands voor vaporità. Veel Italiaanse woorden die eindigen op -tà hebben een equivalent in het Nederlands die eindigt op -teit of -heid: università - universiteit, velocità - snelheid, facoltà - faculteit, onestà - eerlijkheid. Dus dat was de eerste weg die ik in sloeg: stoomheid of stoom(i)teit. Maar die woorden deden mij te veel denken aan ‘stommiteit’ of ‘met stomheid geslagen’. Dat ging dus niet werken. De zoektocht ging verder met het vinden van een ander achtervoegsel dat mooier paste en de lading beter dekte. Al googlend op ‘achtervoegsels’ kwam ik via wiktionary op de volgende mogelijkheden binnen een gamma van
Nederlandse achtervoegsels: -aar, -baar, -dom, -ig, -ing, -isch, -lijk, -loos, -sel, -te, -zaam.
Sommige achtervoegsels vielen qua betekenis meteen al af: -loos en -dom hadden er duidelijk niets mee te maken. -te maakt van een bijvoeglijk naamwoord een zelfstandig naamwoord dat een maat toevoegt aan de hoedanigheid die wordt uitgedrukt door het bijvoeglijk naamwoord: breed breedte. En samen met het voorvoegsel ge- vormt -te een zelfstandig naamwoord dat een verzameling aangeeft, zoals berg gebergte. Dat was het dus ook niet. -sel daarentegen vormt een zelfstandig naamwoord van een werkwoord en duidt het resultaat of gevolg van de handeling aan, zoals: bakken baksel, of braken braaksel. Dus als de Antieke Technologieën de hele dag staan te stomen, kan daar best een berg stoomsel uit voortkomen. De keuze viel dus op stoomsel.

Het leuke van fantasyboeken is dat die vaak vol staan met niet-bestaande en vreemde woorden. Daar heeft een vertaler vaak een hele kluif aan, maar hij kan er ook veel creativiteit in kwijt. Het woord stoomsel past zo goed in het verhaal dat het (bijna) niet opvalt dat het woord niet bestaat. Mission accomplished, zou ik zeggen.